Hardwerkende buitenlanders

Een Turkse gastarbeider bij bandenfabriek Vredestein-Wikimedia-1170x680Wanneer de meesten van ons nog uren op een oor kunnen liggen, staan veel van mijn cursisten al op om naar hun werk te gaan. Wanneer wij allang thuis op de bank zitten om bij te komen van een dag werken, gaat het werk voor hen soms nog uren door. ‘Hardwerkende buitenlanders’ noem ik hen wel eens gekscherend, de arbeidsmigranten uit de Europese Unie aan wie ik taalles geef. Ze maken onze kantoren schoon, werken in de kassen of in de vleesfabriek, graven kabelsleuven, boren beton, zandstralen onze bruggen, wassen af in onze restaurants. Het werk is vaak vuil en zwaar, slecht betaald bovendien. Veel Nederlanders halen er hun neus voor op.

Vroeger ergerde ik me wel eens als docent. Dan was ik in het leslokaal alles in gereedheid aan het brengen, om vervolgens via Whatsapp de stroom afmeldingen binnen te zien komen. Sommigen schreven dat ze moesten overwerken. Anderen waren ziek, omdat ze op het werk door hun rug waren gegaan of hun knieën overbelast hadden. Ik vond dat maar lastig. De samenstelling van de groep was elke keer weer anders. Ik worstelde met de voortgang, want er moest steeds veel herhaald worden voor de afwezigen. Die ergernis heeft inmiddels echter plaatsgemaakt voor bewondering, en soms ook voor zorg.

Zorgen

Een Kaapverdiaanse dame van zestig werkt de hele week hard. Op haar vrije zaterdagmiddag volgt ze bij mij taalles. Aan het einde van de middag fietst zij in het donker, door weer en wind naar een afgelegen en verlaten industrieterrein aan de rand van de stad om kantoren schoon te maken. ’s Avonds vraag ik me af of ze weer veilig thuisgekomen is.

Een van mijn Griekse deelnemers is al wekenlang afwezig. Hij reist voor zijn werk dagelijks op en neer naar Vlissingen en kan onmogelijk op tijd komen voor de cursus. Een Poolse betonboorder komt elke les trouw, maar vanwege zijn werktijden wel altijd een uur te laat. Anderen staan elke dag om half vier op en vallen tijdens mijn avondlessen bijkans in slaap.

Sommigen hebben inmiddels hun gezin laten overkomen. Tegenover mij beklagen ze zich dat alles in Nederland zo duur is geworden. In het begin waren ze hier alleen, ze leefden spaarzaam en stuurden geld naar hun gezin. Nu hun gezin hier is, proberen ze hier een betere toekomst op te bouwen en dat valt niet mee. Hun lage uurloon compenseren ze door heel veel uren te werken. Ze verwachten veel van het leren van onze taal.

Spijt

Een van mijn cursisten zat in Turkije drie jaar op de lagere school. Toen moest hij van zijn ouders gaan werken, zodat het gezin genoeg geld had om te leven. Hij schaamt zich voor zijn lage opleiding en heeft spijt dat hij al die jaren in Nederland altijd alleen maar hard heeft gewerkt, dat hij nooit de tijd heeft genomen om de taal te leren. Hij wil een beter leven met minder zwaar werk, maar de deuren van Nederlandse werkgevers blijven gesloten. Daarom zit hij nu op taalles.

Zijn wederwaardigheden brengen mijn gedachten bij mijn oom. Kort nadat hij was overleden, vertelde mijn tante dat hij altijd had willen doorleren. Dat kon helaas niet, want mijn opa was ziekelijk en mijn oom moest de kost gaan verdienen. Jarenlang werkte hij in het onderhoud van plantsoenen en graven, maar de spijt over die gemiste toekomst bleef.

Mijn gedachten dwalen naar mijn vader. Hij was elektromonteur, hij groef sleuven voor elektriciteitskabels en onderhield schakelkasten. Meestal werkte hij buiten, ook als het tien graden vroor. Als het regende of stormde, trok hij bij nacht en ontij de Zeeuws-Vlaamse polders in om te zorgen dat iedereen weer stroom kreeg. In zijn jonge jaren werkte hij een paar maanden op een scheepswerf, met asbest. Vijfentwintig jaar later, in 1988, werd hem dat alsnog noodlottig.

Gezondheid

Lang geloofde ik dat we tegenwoordig beter weten en dit soort beroepsrisico’s tot het verleden behoorden. Een paar weken geleden vertelde een Griek mij echter dat hij al een aantal weken thuis zit. Het bedrijf waar hij werkt is tijdelijk gesloten, omdat er asbest is gevonden in het grit dat gebruikt wordt bij het zandstralen. ‘Niks aan de hand’, hebben ze hem verteld, ‘de risico’s zijn klein.’

Hij maakt zich grote zorgen over zijn gezondheid, en nog meer over die van zijn vrouw. Zij werkt als schoonmaakster in een toeristenhotel op een van de Griekse eilanden. Haar rug is gebogen door het harde werk. Binnenkort komt ze naar Nederland om haar pasgeboren kleinzoon te zien. Dan zullen ze praten over de toekomst, zo neemt hij zich voor. Een toekomst waar hij weer samen kan zijn met zijn geliefde, waarin ze samen gezond oud kunnen worden.

Deze tekst verscheen eerder op Nieuw Wij

Foto: Een Turkse gastarbeider bij bandenfabriek Vredestein |Wikimedia Commons (cc)

 

Dit bericht werd geplaatst in De vreemdeling, Persoonlijk en getagged met , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Hardwerkende buitenlanders

  1. Rob Alberts zegt:

    Het onbegrip van velen voor het harde en onregelmatige leven valt mij ook zwaar.
    Als deze noeste arbeiders opgebrand zijn rest hun een kleine uitkering.

    Jammer genoeg zien en spreken zij vooral land- en taalgenoten.
    Het kleine beetje wat zij van onze taal oppikken verdwijnt dan ook weer snel.

    Bezorgde groet,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s