Economie? Ethiek

Onze huidige crisis is niet slechts een economische en financiële crisis, maar vooral ook een spirituele en morele crisis. Menselijke waardigheid en het algemeen belang moeten weer leidend worden, zodat de wereld rechtvaardiger wordt dan nu het geval is. Dat zegt het Vaticaan in de nota over financiële hervorming die deze week verscheen.

De economische en financiële crisis die we nu doormaken, geeft aanleiding tot diepgaande introspectie naar de principes en de sociale en culturele waarden die aan de basis liggen van een sociale samenleving. In haar nota stelt de Pauselijke Raad voor Gerechtigheid en Vrede (Justitia et Pax) dat oplossingen voor onze huidige crisis niet alleen moeten bijdragen aan het welzijn van onze huidige generatie, maar dat we ook de verantwoordelijkheid moeten nemen voor de generaties die na ons komen. Ook die generaties moeten hoop op een betere toekomst en vertrouwen in de menselijke waardigheid kunnen blijven houden.

Volgens de Raad hangen de problemen met financiën en economie nauw samen met de ethische oriëntaties die eraan ten grondslag liggen. Na de Tweede Wereldoorlog is veel economische vooruitgang geboekt, maar daar zijn door velen grote offers voor gebracht, in ontwikkelde landen maar vooral ook in de ontwikkelingslanden. De crisis staat niet op zichzelf. In de jaren zeventig was er de oliecrisis, gevolgd door crises en Mexico, Brazilië, Rusland en Korea in de jaren tachtig. Nog weer later waren er crises in Thailand en Argentinië, kwam de vastgoedcrisis en nu hebben we dan dan de financiële crisis. Volgens het Vaticaan hebben die crises een gemeenschappelijke oorsprong, maar is nu wel voor het eerst dat de crisis het hart van de wereldeconomie treft.

In de tweede helft van de twintigste eeuw nam de economische voorspoed overal toe, maar dat ging gepaard met een groeiende ongelijkheid in en tussen landen. Zo zagen sommige geïndustrialiseerde en ontwikkelde landen hun inkomen sterk groeien, terwijl andere de facto van die groei uitgesloten waren of er zelfs op achteruit gingen. De globalisering had duidelijk grote voordelen: tussen 1900 en 2000 verviervoudigde de wereldbevolking, de welvaart groeide nog veel sterker. Maar er waren ook nadelen: de verdeling van die welvaart is niet eerlijker geworden, maar in veel gevallen juist verslechterd.

Het is niet voor het eerst dat het Vaticaan waarschuwt. Niet lang na het Tweede Vaticaans Concilie deed paus Paulus VI dat ook al in zijn encycliek Populorum Progressio, die inging op de internationale dimensies van sociale gerechtigheid, evenals de pausen na hem. Paus Paulus VI waarschuwde voor de gevolgen van onbalans in de wereld voor de voor vrede. Verdediging van het leven zelf en bevordering van culturele en morele ontwikkeling is essentieel om van werkelijk authentieke ontwikkeling te kunnen spreken, zo zei hij destijds. Nu iedereen over moderne communicatiemiddelen beschikt zijn die schadelijke gevolgen – grote economische, culturele en sociale ongelijkheid – zichtbaar voor iedereen. En ze geven aanleiding tot spanningen en grote migratiestromen.

Het Vaticaan wijst voor de huidige zorgwekkende ontwikkelingen drie schuldigen aan. Allereerst het economisch liberalisme, dat geregeerd wordt door de wetten van kapitalistische ontwikkeling. Ten tweede een utilitaristisch denken dat ervan uitgaat dat wat goed is voor het individu vanzelfsprekend ook goed is voor de gemeenschap. En tot slot het primaat van technologie boven het onstoffelijke, waardoor individuele menselijke keuzes worden teruggebracht tot niet meer dan technische variabelen. Het gevolg daarvan is een systeem waarin de belangen van landen met een goede economische en financiële positie voorop staan en het besef ontbreekt dat wat goed is voor het individu niet noodzakelijkerwijs ook goed is voor het algemeen belang. De crisis laat zien waar egoïsme en hebzucht toe kunnen leiden. Solidariteit die het individueel belang overstijgt ten faveure van de gemeenschap ontbreekt.

Als er geen oplossingen worden gevonden, zo stelt de Raad in zijn nota, dan zullen de negatieve effecten op sociaal, politiek en economisch vlak toenemen en leiden tot een klimaat van toenemende vijandigheid en zelfs geweld. Daarmee worden ook de fundamenten van onze democratische instituties ondermijnd. Er is een groeiende lijst van vraagstukken waar de wereld voor gesteld wordt. Denk bijvoorbeeld aan vrede en veiligheid, wapenbeheersing en ontwapening, het beschermen en bevorderen van fundamentele mensenrechten, beheersing van de economie en ontwikkelingsbeleid, beheersing van migratiestromen en voedselzekerheid, milieubescherming.

Wat we nodig hebben is een ethiek van solidariteit als richtsnoer voor ons handelen, een besef dat we allemaal deel uitmaken van dezelfde menselijke familie en de waardigheid van alle mensen centraal dient te staan. Het gaat volgens het Vaticaan dus niet om hebben maar om zijn, niet om economie maar om ethiek.

De noodzaak groeit om antwoorden te vinden die niet sectoraal en geïsoleerd zijn, maar systematisch en geïntegreerd, rijk in solidariteit en subsidiariteit, en die gericht zijn op het algemeen belang. Daarvoor is een politieke wereldautoriteit nodig, een autoriteit die het algemeen belang en de waardigheid van alle wereldburgers voorop stelt. Het is geen nieuw idee –paus Johannes XXIII stelde het in 1963 kort na de oprichting van de Berlijnse Muur en de Cuba-crisis ook al in zijn encycliek Pacem in Terris – maar het is sindsdien wel een stuk urgenter geworden. Weliswaar is er op een aantal terreinen veel vooruitgang geboekt, maar als het wereldbelang niet voorop gaat staan lopen we het risico dat de internationale rechtsorde afhankelijk wordt van de machtsbalans tussen de sterkste landen.

Het doel van die politieke wereldautoriteit – die we volgens de Raad zouden kunnen opbouwen uit een om te vormen Verenigde Naties – is eerst en vooral om het algemeen belang, the common good, te dienen. Daar heb je natuurlijk ook structuren en mechanismes voor nodig en die autoriteit kun je niet met dwang of geweld afdwingen, hij moet de uitkomst zijn van een geleidelijk proces en een groeiend verantwoordelijkheidsbesef. Minderheidsstandpunten moeten daarbinnen worden gewaardeerd in plaats van gemarginaliseerd. Bovendien moet de diversiteit van de landen die samen de community of nations vormen worden erkend en gerespecteerd, of het nu gaat om cultuur, materiële en immateriële bronnen of om historische en geografische omstandigheden. De nota schetst de weg waarlangs die politieke wereldautoriteit gestalte zou kunnen krijgen.

Het is een intrigerend geluid in een tijd waarin de economische crisis de boventoon voert, een duidelijke oproep tot sociale rechtvaardigheid. Een roep om een financieel en monetair stelsel dat doet waar het voor bedoeld is: het voeden van markten en financiële instellingen die daadwerkelijk het individu ten dienste staan, die in staat zijn om te voorzien in de behoeften van het algemeen belang. De nota van de Pauselijke Raad voor Gerechtigheid en Vrede laat zich lezen als een pleidooi voor herijking van het systeem van Bretton Woods, een pleidooi voor herstel van het primaat van spiritualiteit en ethiek, en in het verlengde daarvan de politiek, en voor het ondergeschikt maken daaraan van financiën en economie. En dat sluit wonderwel aan bij andere geluiden in onze samenleving.

Dit artikel verscheen op 26 oktober 2011 op Sargasso, waar u ook uw reactie kunt plaatsen.

Dit bericht werd geplaatst in Oorlog & geweld, Politiek, Religie en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.