Waterschaarste bedreigt vrede Midden-Oosten

Droogte, gedwongen migratie, slangen die optrekken naar de dorpen en steden: de klimaatverandering neemt in de Levant desastreuze vormen aan. Het risico op conflicten neemt daardoor toe. Maar samenwerking is de enige effectieve manier om de gezamenlijke vijand het hoofd te bieden.

De temperatuur stijgt, het water wordt schaars, de woestijn grijpt om zich heen, de landbouw wordt bedreigd. Het gevolg: toenemende kans op conflicten om schaarse natuurlijke hulpstoffen, toenemende armoede. Extremisme, criminaliteit en sociale desintegratie liggen op de loer. De zich reeds meer dan zestig jaar voortslepende conflicten belemmeren het adequaat reageren op klimaatverandering. Samenwerking is echter noodzakelijk om de problemen het hoofd te kunnen bieden.

Zomaar een greep uit het nieuws van de afgelopen week

Zuid-Irak kampt met een plaag van giftige slangen die de uitgedroogde moerassen ontvluchten op zoek naar een waterrijker biotoop. Ze bedreigen de veestapel, de enige bron van inkomsten voor de bevolking. De waterreserves in Irak zijn gedaald van 40 miljoen kubieke meter drie jaar geleden tot 11 miljoen kubieke meter nu. Men vreest voor een ramp voor de landbouw als buurland Turkije doorgaat met het vasthouden van het water in de Eufraat en de Tigris. Turkije heeft in de afgelopen dertig jaar veel dammen gebouwd om het zuidoosten te kunnen irrigeren. Door de dammen is Turkije in staat de loop van de rivieren aan te passen aan haar behoeften.

In Noord-Syrië zijn in 2007 en 2008 zo’n 160 dorpen door de inwoners verlaten als gevolg van klimaatverandering.

Jordanië maakte begin dit jaar de grootste droogte in de afgelopen vijftig jaar mee. Het was dat het aan het einde van de winter alsnog regende en sneeuwde, dat de watervoorraden voor dit jaar toch nog redelijk op peil zijn. Jordanië is voor water grotendeels afhankelijk van de Jordaanrivier, die ook door Syrië en Israël intensief wordt gebruikt. Het water is erg vervuild door de zware industrie van Israël. Het versterkt de roep om versneld oplossingen door te voeren. Het langbesproken kanaal tussen de Rode Zee en de Dode Zee laat echter nog minstens tien jaar op zich wachten. In Disi, ten noorden van Wadi Rum, start na jarenlang uitstel door gebrek aan fondsen nu eindelijk een project voor het oppompen van water uit het natuurlijke bassin dat daar ligt, waarmee de hoofdstad Amman en de zuidelijke provincies van drinkwater kunnen worden voorzien. Dit project is echter pas rond 2020 gereed. Nu al echter is de verwachting dat de omvang van de ondergrondse reservoirs (aquifers) zal afnemen, en de vervuiling zal toenemen. Jordanië wordt daardoor steeds afhankelijker van de mogelijkheden tot ontzilting.

Israël heeft in grote delen van het zuiden vorige week officieel een droogte afgekondigd. Vijf droge winters achter elkaar eisen hun tol in de gebieden waar vooral graan wordt verbouwd. Het waterpeil in het Meer van Galilea, dat wordt gevoed door de rivieren van de Golan Hoogvlakte, is alarmerend laag en staat momenteel nog dertig centimeter boven de kritieke grenswaarde. Daaronder moet men stoppen met het oppompen van water. Als gevolg hiervan neemt ook het waterpeil in de Jordaanrivier af, die op zijn beurt weer uitmondt in de Dode Zee, waar het waterpeil zo sterk daalt dat hij over vijftig jaar geheel is opgedroogd. Israel is een waterbesparingscampagne gestart en heeft plannen om de huidige drie ontziltingscentrales uit te breiden naar negen in 2012. Dat is echter niet zonder risico, omdat het nadelige effecten op het milieu kan hebben.

Het zijn alarmerende berichten, die helaas niet op zichzelf staan. Vorige week verscheen het rapport Rising Temperatures, Rising Tensions. Climate change and the risk of violent conflict in the Middle East, gepubliceerd door het in Denemarken gevestigde International Institute of Sustainable Development. Geen toeval, want Denemarken is in December gastheer van de eerstvolgende klimaatconferentie. Het rapport gaat in op de enorme gevolgen die de klimaatverandering kan hebben voor de veiligheid in de Levant, die ook nu al het meest waterarme gebied ter wereld is.

Klimaatverandering in de Levant

Tegen het midden van deze eeuw zal het in alle seizoenen warmer zijn dan nu: een stijging van 2,5 tot 3,7 graden in de zomer en 2,0 tot 3,1 graden in de winter. De hogere temperatuur heeft invloed op waar regen valt, hoe veel en hoe vaak. De zeespiegel stijgt met 0,1 tot 0,3 meter tot 2050. Het hele gebied wordt droger, de hoeveelheid regen in het natte seizoen neemt af. De regenval verschuift naar het noorden, in het midden en zuiden valt nog minder regen. En het weer wordt minder voorspelbaar, met een toename van extreme regenstormen, met overstromingen en erosie tot gevolg.

De temperatuurstijging leidt dus tot een droger en minder voorspelbaar klimaat. Door de hogere temperaturen en geringere regenval neemt de capaciteit van rivieren en stroompjes af, natuurlijke bassins worden minder snel weer gevuld, de zeespiegel stijgt en het hele gebied verdroogt verder. Het rapport voorspelt, en dat is een conservatieve voorspelling, dat het waterpeil in de Eufraat tegen het einde van deze eeuw met dertig procent gedaald zal zijn, en het peil van de Jordaan met tachtig procent.

Veel hangt ook af van wanneer de eerste regens vallen en de regenfrequentie gedurende het groeiseizoen. In eerste instantie is een langer seizoen gunstig voor de landbouwexport, maar op termijn leidt tot meer verdamping, uitdroging en uitputting van de grond, en toenemende verwoestijning. En dat in combinatie met achteruitgang in de opbrengsten en toenemende vraag naar water voor irrigatie. De zeespiegelstijging leidt tot erosie van de kust en het doorsijpelen van zout water in de bassins voor de kust. Verzilting speelt bijvoorbeeld bij het bassin voor de kust van Gaza.

Ook andere factoren hebben invloed

In het hele gebied is sprake van een snelle groei van de populatie. De totale populatie zal groeien van 42 miljoen in 2008 tot 71 miljoen in 2050. De vraag naar water, voedsel, onderdak en werk stijgt dus ook.

Daarnaast is er in de Levant sowieso al sprake van tekort aan water, ontbossing, overbegrazing, terugkerende droogte en slecht beheer van gecultiveerd land. De algemeen geaccepteerde standaard voor waterschaarste is 1000 m3 per persoon per jaar. De feitelijke situatie is in Israël 265 m3, in Jordanië 169 m3 en in bezet Palestijns gebied 90 m3. Syrië en Libanon zitten boven de grens met resp. 1541 m3 en 1220 m3. In 2020 is watertekort de norm. Zonder ontzilting, betere waterefficiëntie of internationaal watertransport zijn de beschikbare voorraden dan onvoldoende om in ieders behoefte te voorzien.Waterloop in Israël en Palestina

Daar komt nog bij dat een groot deel van het water ‘grensoverstijgend’ is. De Jordaan bijvoorbeeld wordt gevoed door Libanon en Syrië, en is een cruciale bron voor zowel Israël als Jordanië en Palestina. Meer dan tachtig procent van de vernieuwbare waterbronnen van Syrië ontspringt buiten haar grenzen. Israël en de Westbank delen drie belangrijke bassins. Tachtig procent van de natuurlijke aanvulling van de bassins vindt plaats in de Westbank, maar door de natuurlijke loop van het water richting Israël wordt het grootste deel van het water in Israël gebruikt. Het kustbassin, met ook nu al slechte waterkwaliteit, is de enige drinkwatervoorziening voor de anderhalf miljoen mensen in Gaza.

Tot slot is het gebied ook arm aan energie, waardoor de mogelijkheid om meer water zeker te stellen ernstig wordt beperkt, aangezien waterwinning en –distributie veel energie kosten. In Nablus gaat tachtig procent van de kosten op aan het oppompen van het water dat zich in een bassin 700 tot 900 meter ondergronds bevindt.

De impact van conflicten maakt kwetsbaar

Je zou kunnen zeggen dat er sprake is van ‘omgekeerde ontwikkeling’. Infrastructuur wordt vernietigd, de economie stort in, wederopbouw slurpt de beschikbare fondsen op. Toegang tot land wordt bemoeilijkt of onmogelijk gemaakt, bijvoorbeeld door landmijnen zoals in Libanon, of door muren, controleposten en avondklokken zoals in Palestina. En ook dat beperkt de economische kansen van samenlevingen die grotendeels afhankelijk zijn van landbouw.

Hetzelfde geldt voor de toegang tot water. Israëliërs hebben toegang tot vier maal zo veel water als Palestijnen. Iets dat de Wereldbank in een rapport van twee maanden geleden weet aan slecht management van de zijde van de Palestijnen en de Israëlische beperkingen doordat het hele gebied onder militair toezicht staat sinds 1967.

Conflicten leidden ook tot het rooien van tienduizenden olijfbomen door de IDF, toenemende transportkosten en ontoegankelijkheid van markten, beperkingen in arbeidsmigratie. En tot slot tot enorme kosten om grote legers op de been te houden. In alle landen in de Levant met uitzondering van Palestina zijn de kosten voor het leger hoger dan die voor gezondheid en onderwijs.

Een andere erfenis van de conflicten is een diepgeworteld wantrouwen tussen de landen, waardoor men niet bereid is om samen te werken en elkaar te helpen. Libanon weigert overtollig water aan Israël te verkopen en laat het liever de Middellandse Zee in lopen. Israël verkoopt haar ontziltingstechnieken niet, Jordanië maakt geen gebruik van de woestijn om zonne-energie op te wekken en te verkopen. De onwil om op elkaar te vertrouwen leidt tot een ‘eiland mentaliteit’. Bronnen worden gezien als nationaal bezit in plaats van binnen een regionale context. En het leidt tot torenhoge investeringen, die veel lager zouden kunnen uitvallen in het geval van samenwerking. Bronnen zijn beperkt, en die deel je niet met mensen die je niet vertrouwt.

Kortom: de Levant bevindt zich al meer dan zestig jaar in een staat van conflict en dat belemmert het vermogen om adequaat om te gaan met de klimaatverandering zeer. Soms om overduidelijke redenen: infrastructuur is vernietigd, bos en waterbronnen zijn verloren gegaan, het op de been houden van legers kost veel geld, het ontbreken van een staat waardoor deelname aan internationale processen bemoeilijkt wordt. Soms meer onder de oppervlakte: geleidelijk afnemende economische capaciteit, onwil om samen te werken in water- en energieprojecten, een toenemende ‘eilandmentaliteit’ benadering van natuurlijke hulpstoffen. De toegang tot water, de voedselveiligheid, het vóórkomen van ziekten, de bevolkingsspreiding en de toegang tot natuurlijke (water)grenzen staan op het spel.

Klimaatverandering is een veiligheidsrisico

Bij een ongewijzigd politiek klimaat zet de klimaatverandering in de Levant de vrede onder druk. Zo zal er sprake zijn van meer competitie om de schaarse watervoorraden en dat bemoeilijkt de reeds bestaande en nog te sluiten vredesakkoorden. Waterverdeling is onderdeel van het vredesakkoord tussen Israël en Jordanië, de vredesbesprekingen tussen Israël en Syrië ketsten af op de toegang tot het water van Galilea, het staat op de agenda van de eindbesprekingen over vrede tussen Israël en Palestina.

De voedselonveiligheid zal toenemen, als de temperatuur met drie tot vier graden stijgt nemen de oogsten af met 25 tot 35 procent. Nu al gaat 84 procent van het water naar de landbouw en wordt meer voedsel geïmporteerd dan geëxporteerd. Klimaatverandering leidt tot afnemende landbouwcapaciteit en stijgende voedselprijzen. De bevolking neemt toe evenals de vraag naar voedsel. De binnenlandse druk op Syrië en de Palestijnse Autoriteit om de teruggave van bezet land te verzekeren zal toenemen. Omgekeerd zullen de strategische afwegingen van Israël om zich wel of niet uit deze gebieden terug te trekken ook worden beïnvloed.

Klimaatverandering belemmert de economische groei, waardoor de armoede en sociale instabiliteit zullen toenemen, voedselprijzen zullen stijgen en de armsten worden daar het hardst door getroffen. Zo werkt in Syrië dertig procent van de bevolking in de landbouw. Ook het toerisme komt in gevaar: aantasting van de koraalriffen van de Rode Zee, een korter skiseizoen in Libanon, een opdroging van de heilzame bronnen aan de Dode Zee. Hogere werkloosheid, lagere overheidsinkomsten, toenemende vraag naar diensten verzwakken het vermogen van overheden om diensten te bieden en banen te scheppen. Een ideale bloedplek voor extremisme, toenemende criminaliteit en sociale desintegratie.

Ten vierde kan klimaatverandering leiden tot een destabiliserende, gedwongen migratie en toenemende spanningen ten opzichte van reeds bestaande vluchtelingenpopulaties. Veranderende patronen van regenval, om zich heen grijpende verwoestijning, afnemende productiviteit van de landbouw ondermijnen plattelandsgemeenschappen, laten het perspectief op werk afnemen en versnellen migratie naar stedelijke gebieden. Voorzieningen in de steden komen daardoor onder druk te staan en leiden tot toenemende ressentimenten tegenover de aanwezige vluchtelingen.

De perceptie dat natuurlijke bronnen krimpen, zal leiden tot een militarisatie van strategische natuurlijke bronnen. Controle over natuurlijke bronnen wordt daarmee steeds meer een sleuteldimensie in de nationale veiligheid, schaarste aan grondstoffen het voorwendsel om de bronnen te militariseren.

Tot slot kan inactiviteit op het gebied van klimaatverandering leiden tot een toenemend ressentiment tegen en wantrouwen van het Westen (en Israël) door de Arabische landen. Terwijl ontwikkelde landen het grootste deel van de broeikasgassen produceren, zijn het de armere ontwikkelingslanden die daar de zwaarste gevolgen van ondervinden. De Levant produceert minder dan 1 procent van de broeikasgassen. Binnen de regio staat Israël als vervuiler met stip bovenaan. Als de internationale gemeenschap onvoldoende commitment laat zien om de gevolgen van klimaatverandering te verzachten en armere landen te ondersteunen om zich aan de gevolgen aan te passen, versterkt dat het al sterk in de Arabische wereld aanwezige gevoel dat veel Westerse landen (met inbegrip van Israël) niet handelen als ‘good global citizens’.

Is er hoop?

Overheden zullen belangrijke vragen moeten beantwoorden. Hoe kom je tegemoet aan de groeiende behoefte aan water en voedsel van een groeiende bevolking? Hoe kun je de veerkracht van de samenleving vergroten bij het omgaan met droogte en overstroming? Hoe kun je de economie laten groeien ondanks slechte en onvoorspelbare weersomstandigheden? Hoe kun je de in toenemende mate schaarse bronnen verdelen tussen landen, en tussen de verschillende sectoren in economie en maatschappij?

Het beeld dat het rapport schetst, maakt je niet bepaald blij. De omstandigheden versterken het effect van de klimaatverandering en beperken de mogelijkheden tot adequaat ingrijpen. Denk aan het huidige politieke landschap in de Levant, dat gekenmerkt wordt door wantrouwen, vijandigheid en gebrek aan samenwerking.

Tegelijkertijd schept klimaatverandering een gezamenlijke vijand. Daardoor kunnen landen ook worden aangemoedigd om juist wel samen te werken, ondanks hun ideologische en politieke verschillen. Klimaatverandering als bindmiddel in het zoeken naar toenadering en bouwen aan vrede. Die samenwerking van overheden, maatschappelijke organisaties en de internationale gemeenschap kan vier belangrijke hoofdlijnen bestrijken, die in het rapport van concrete adviezen worden voorzien.

Zo is het belangrijk om het bewustzijn te versterken van het belang van zuinig zijn met water en energie. Dat geldt ook voor het kritisch bezien van subsidies aan waterintensieve landbouw en industrie. Efficiënter omgaan met water en energie verkleint de gezamenlijke impact van toenemende vraag, groei van de populatie en klimaatverandering.

Een tweede strategie richt zich op aanpassing aan het effect van de klimaatverandering. Denk aan beter watermanagement, hergebruik van afvalwater voor de landbouw, betere irrigatietechnieken, ontwikkeling van gewassen die resistenter zijn tegen droogte. Projecten op het niveau van lokale gemeenschappen dragen bij aan het delen van vaardigheden en technologie en dragen bij aan begrip tussen voorheen verdeelde gemeenschappen.

Naast het belang om de uitstoot van broeikasgassen te verkleinen, zou het van wereldburgerschap en solidariteit getuigen als Israël (als het land binnen de Levant met de grootste uitstoot per hoofd van de bevolking), en in mindere mate de Arabische landen, zich committeren aan klimaatverandering. Toenemende efficiëntie in energiegebruik en het overstappen op duurzame energiebronnen heeft bovendien grote economische voordelen in deze energiearme regio. Het helpt in het omgaan met de energiecrisis in de regio en de reductie in het gebruik van fossiele brandstoffen vermindert de luchtvervuiling.

Tot slot is het zo dat je klimaatverandering het beste gezamenlijk te lijf kunt gaan. De uitdaging is té groot voor elk afzonderlijk land. De gedeelde implicaties voor veiligheid kun je het beste aanpakken door samenwerking: reduceren van de uitstoot van broeikasgassen, het ontwikkelen van samenhangende internationale strategieën om met gedwongen migratie om te gaan, het delen van innovatieve benaderingen van adaptatie, het managen van gedeelde bronnen.

Dit bericht werd geplaatst in Klimaat, Midden-Oosten, Oorlog & geweld en getagged met , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

20 reacties op Waterschaarste bedreigt vrede Midden-Oosten

  1. Mihai Martoiu Ticu zegt:

    Maak je geen zorgen. Het Westen roeit de Midden-Oosteners uit, voordat alle grote problemen ontstaan.

  2. Dan mogen ze wel snel zijn want die problemen zijn al in volle gang.

  3. paco painter zegt:

    Dan moet iedereeen samenwerken. tja

  4. Mihai Martoiu Ticu zegt:

    @johanna

    ==Dan mogen ze wel snel zijn want die problemen zijn al in volle gang. ==

    Ik kan er ook niets aan doen dat men Obama heeft gekozen en daardoor is alles langzamer en onopvallender gaan lopen. Als MacCain was gekozen, kwam de Armageddon veel sneller.

    Trouwens, heb je de brief gelezen die Hamas aan Obama heeft gestuurd?
    http://snipurl.com/jow67

  5. Mihai, dank voor de link. Interessante brief. Persoonlijk hoop ik dat de Armageddon voorlopig niet komt.

  6. Mihai Martoiu Ticu zegt:

    @Johanna

    Als je die brief interessant vond, dan vind je deze brief nog interessanter. Het is geschreven door Koning Abdullah, voor The American Magazine, in 1947. Prachtige argumenten en een voorspelling van wat er zou komen.

    http://www.kinghussein.gov.jo/kabd_eng.html

  7. Jack Pastoor zegt:

    @JN: Ik heb even gewacht met reageren om te kijken wie het doen en op wat voor manier.
    Ik vind het weer een goede en genuanceerde bijdrage uit een zwaar geteisterd gebied. Ik heb geen tijd om te controleren of je gegevens correct zijn. Er zullen hier en daar – neem ik aan – ook wel andere gegevens en invalshoeken zijn, maar in grote lijnen denk ik dat het op hetzelfde neer zal komen. Ook ik geloof dat het gebrek aan water in het MO een potentieel veel gevaarlijker probleem is dan over het algemeen wordt aangenomen. Eigenlijk – we hebben het er geloof al eens eerder over gehad – is het een kern probleem. Religieuze en algemeen politieke problemen lijken vooral de gemoederen van het de mensen in het westen/ Europa bezig te houden. Ik ben van mening dat deze problemen grotendeels worden misbruikt voor eigen gewin (van macht?) die tegen het intrinsieke belang (een leven in veiligheid en geborgenheid) van de gewone gezinnen – die hun leven moeten slijten in dat gedeelte van de wereld – in gaan.

    Bij mijn weten speelt Israel in op de te verwachte watertekorten door watercontracten met Turkije af te sluiten. Maar waar ik dat vandaan heb weet ik niet meer.

    Het één en ander geeft aan dat er inderdaad alleen maar oplossingen kunnen komen door samenwerking. Het is ook daarom – ik weet niet hoe jij daar over denkt – dat ik hoop dat het enthousiasme van Obama voor een twee staten oplossing niet in de woestijn van cynisme en politiek opportunisme door gebrek aan bevloeiing om zal komen van uitdroging.

    Daarnaast wil je een zo groot mogelijk compliment maken door met je bijdragen niet in de val terecht te komen van zogenaamde betrokkenen bij de Arabische (Palestijnse) zaak. Ook daar hebben we het eens over gehad. Vijanden (van de mensheid?) zijn een groot gevaar, maar kritiekloze vrienden die een eigen agenda er op na houden zijn minstens – if not more – gevaarlijk.

    Mijn dank.

    ps: merkwaardig, mijn reactie was verdwenen. hier dus nogmaals.

  8. Koenders hield gisteren een toespraak in Wageningen tijdens het seminar ‘Water en brood’ van de Eduardo Frei Stichting. Onderwerp: de voedselcrisis.

    Citaat:
    ——

    Hulp die hard nodig is om de allerarmsten te beschermen tegen de gevolgen van de voedselcrisis waarmee wij nu geconfronteerd worden. Een crisis waarvan de ernst amper kan worden overdreven.

    Ik geef u drie feiten:

    – Ten eerste: vanavond gaat ongeveer een miljard mensen met een lege maag naar bed. Vaak niet omdat er geen voedsel is, maar omdat zij het zich niet kunnen veroorloven.
    – Ten tweede: volgens schattingen van de Verenigde Naties zal de wereldbevolking de komende veertig jaar groeien naar 9 à 10 miljard mensen. Dat zijn nog eens minimaal 2 miljard monden te voeden.
    – Ten derde: de komende jaren zullen vele miljoenen hectaren landbouwgrond – met name in ontwikkelingslanden – verloren gaan als gevolg van klimaatverandering en milieuvervuiling.

    Wij staan voor de immense opgave om het hardnekkige probleem van honger structureel op te lossen en tegelijkertijd de stijgende bevolking te blijven voeden. De kunst daarbij is het zo eerlijk mogelijk verdelen van de schaarse middelen: het gaat hier namelijk ook om een koopkrachtprobleem! Slagen wij er niet in aan dit probleem iets te doen, dan voorspel ik u dat de pastaprotesten die wij vorig jaar hebben gezien in Italië en de volksopstanden in Haïti en Egypte slechts een voorbode waren van een veel bredere golf van sociale onrust en conflicten. Conflicten die onherroepelijk gevolgen zullen hebben voor Nederland en Europa. Via hogere prijzen in de supermarkt bij u en mij op de hoek, maar – waarschijnlijker – via vele duizenden vluchtelingen die in gammele bootjes de oversteek wagen naar Europa.

    (…)

    Een ander fenomeen waar we goed op moeten letten is dat van ‘land-grabbing’. Deze ietwat ongelukkig gekozen term, die suggereert dat er sprake is van onbehoorlijk gedrag, verwijst naar de volstrekt legale aankoop van landbouwgrond in ontwikkelingslanden door landen die hun voedselzekerheid willen verbeteren. Sinds twee jaar hebben deze aankopen een enorme vlucht genomen. Rijke, voedselimporterende landen, hoofdzakelijk uit de Arabisch Golf, lopen hierin voorop. Zij hebben inmiddels duizenden hectaren vruchtbare grond verworven in landen als Tanzania, Soedan en de Kenia. Maar ook andere landen, zoals China, Zuid-Korea en India, doen er aan mee. Geschat wordt dat het inmiddels 15 tot 20 miljoen hectaren land in ontwikkelingslanden opgekocht is door buitenlandse multinationals. Dat is een gebied zo groot als het totale Duitse landbouwareaal. De investeringen die met deze aankopen gemoeid zijn bedragen een veelvoud van de budgetten die jaarlijks beschikbaar zijn voor landbouw-OS: 20 tot 30 miljard dollar.
    —–
    Volledige tekst van de toespraak

  9. @ Jack
    De cijfers zijn afkomstig uit het door mij genoemde rapport van de IISD. Het rapport is in hun opdracht opgesteld door een onafhankelijk Canadees onderzoeksinstituut, met steun van het Deense ministerie van Buitenlandse Zaken.

    Overigens zag ik dat ze ook vorige maand een rapport hebben gepubliceerd over het thema land-grabbing, onder de titel:
    A Thirst for Distant Lands. Foreign investment in agricultural land and water.
    Een mooi onderwerp voor een volgende bijdrage aan dit blog.

  10. @ Jack
    Voor het watercontract tussen Israël en Turkije, zie onder meer:
    http://www.uswaternews.com/archives/arcglobal/2isrand8.html
    Een interessante deal: tanks en luchtvaarttechnologie in ruil voor wapens!

  11. Jack Pastoor zegt:

    @JN: interessant ja, tussen " ". Er moet toch iets anders zijn om mee te handelen.

  12. @ Jack
    Je schrijft:
    Het één en ander geeft aan dat er inderdaad alleen maar oplossingen kunnen komen door samenwerking. Het is ook daarom – ik weet niet hoe jij daar over denkt – dat ik hoop dat het enthousiasme van Obama voor een twee staten oplossing niet in de woestijn van cynisme en politiek opportunisme door gebrek aan bevloeiing om zal komen van uitdroging.

    Dat hoop ik ook. In dat licht is de eerste link die Mihai gaf interessant. Wat wel merkwaardig is, is dat we nu een dag verder zijn en noch de New York Times noch de Washington Post noch Al Jazeera noch Al Arabiya noch Middle East Online geen enkele melding maakt van deze brief. Het kan dus zijn dat hij niet echt is. Dat zou niet voor het eerst zijn. In februari dook ook een brief van Hamas op, maar Hamas heeft altijd ontkend deze brief verzonden te hebben.

  13. Sorry Jack, ik vergat de aanhalingstekens. Het moge je duidelijk zijn dat ik dat cynisch bedoelde.

  14. Mihai Martoiu Ticu zegt:

    Dit wil je misschien lezen:

    The Former President Finally Met the Ayatollah the CIA Once Tried to Kill
    Carter in Lebanon
    http://www.counterpunch.org/lamb06122009.html

  15. Jim Hasenaar zegt:

    Een mooie bijdrage. Wel een hoop tekst.
    Daar ben je vast uren, zo niet dagen, mee bezig.

    Water kan wel eens duurder worden dan het zwarte goud.
    Belangrijker is het al.

  16. @ Mihai
    Dank voor de link. Ik heb een stuk gelezen en het ziet er interesssant uit. Ik probeer later tijd te vinden het helemaal te lezen.

    @ Jim
    Er zit inderdaad aardig tijd in. Maar ik vind het leuk om dingen uit te zoeken en bij elkaar te brengen. En het is een belangrijk thema.

  17. Mihai Martoiu Ticu zegt:

    Ik heb trouwens langer dan tien jaar geleden, toen er nog een sprake was van wateroorlogen, een man ontmoet, Kevin Dowling, tijdens een samenzweringstheorienconferentie in Amsterdam. Hij beweert dat Wereldnatuurfonds en andere millieuorganisaties, die land kopen in derde wereld landen, geinfitreerd zijn (of opgericht) door CIA agenten. Deze landsaanschaf is bedoeld om water en andere natuurlijke bronnen in Westerse handen te brengen, zodat we deze bronnen hebben als er tekort komt. prins Bernhard zou ook onderdeel van de samenzwering zijn en nu, achteraf, het feit dat Alexander zo druk met water is, maakt het “logisch”. Dowling heeft met zelfs een lijst gemaild met honderden, als niet duidenden, CIA agenten, die nu voor milieuorganisaties werken. Hier is een artikel over Dowling in de Groene Amsterdammer: http://www.groene.nl/1997/45/rz_wnf.html

  18. Pingback: Een landmijn per persoon – collateral damage 3 | Levantijnse berichten

  19. Pingback: Alles draait om grondstoffen | Levantijnse berichten

  20. Pingback: Alles draait om grondstoffen | Sargasso

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s